|
In 1607 rolde een boekje van nog geen honderd pagina’s en met de titel Fasti Sanctorum van de persen bij de drukker Plantijn in Antwerpen. De auteur, de jezuïet Heribert Rosweyde, kondigde daarin zijn voornemen aan om een groot verzamelwerk samen te stellen van alle heiligenlevens die voorkwamen in de handschriften die in Belgische bibliotheken werden bewaard. Rosweyde overleed voor hij zijn project kon voltooien, maar het werd voortgezet - en verruimd - door zijn confrater Jean Bolland: de Acta Sanctorum, waarvan de eerste twee delen in 1643 te Antwerpen verschenen, hadden tot doel een zo goed als volledige documentatie te bieden over alle heiligen die de christenen vereerden. De Bollandisten - zoals de opvolgers van Bolland werden genoemd - bekleden een unieke plaats in de geschiedenis van de eruditie: het is een groep van vorsers die zich door de eeuwen heeft bestendigd teneinde eenzelfde onderneming te realiseren. Ze worden vereenzelvigd met een vakgebied dat ze zelf hebben gecreëerd, de kritische hagiografie. Hun geschiedenis, die samenvalt met die van de ontwikkelingen van de historische kritiek, bleef niet gespaard van soms felle controverses, zowel in de 17de als in de 20ste eeuw. De Bollandisten hebben met alle grote namen van de Europese eruditie gecorrespondeerd. Tijdens het ancien régime behoorde hun bibliotheek tot de beste van Europa. Vandaag is de Société des Bollandistes, die in
Brussel is gevestigd, het oudste Belgische wetenschappelijke
genootschap.
|
|||||||||||||||||||