Inleiding

De herdenking van het vijfde eeuwfeest van de ontdekking der nieuwe Wereld door Christoffel Columbus (1451-1506) vormde een uitstekende gelegenheid om de rijkdom en de verscheidenheid van de verzamelingen van de Koninklijke bibliotheek Albert I te doen uitkomen. Hiertoe heeft de Afdeling Kaarten en Plannen een tentoonstelling ingericht en een catalogus opgesteld, met het doel de aandacht te vestigen op een geheel van zeer belangrijke kartografische dokumenten - kaarten, plannen, atlassen en teksten - die geheel of gedeeltelijk aan Amerika gewijd zijn.

De voor deze tentoonstelling gekozen kaarten werpen licht op meerdere kartografische tradities en geven de ontwikkeling aan van de geografische kennis van de Nieuwe Wereld, aan de hand van dokumenten uit verschillende tijdperken: de Renaissance, de Moderne Tijden en de Hedendaagse periode. Het blijkt dat een kaart of een verzameling kaarten enerzijds de weergave is van de geografische opvattingen van een bepaalde tijd, en anderzijds toelaat de tijdsduur te bepalen die verloopt tussen het verzamelen van de in de kaart op te nemen gegevens en hun effektieve verschijning op het dokument.

Grote zorg is gewijd aan het bepalen van de kartografische, geografische of literaire bronnen die de auteur gebruikt heeft bij zijn keuze van gegevens en vormgeving. Dit speurwerk naar de bronnen en naar hun auteurs - in het laatste geval blijft de toewijzing wegens gebrek aan afdoende bewijzen soms zuiver hypothetisch - heeft bij het opstellen van de catalogus één der voornaamste oogmerken gevormd.

De tentoongesteld kaarten zijn in dire kategorieën ingedeeld:

Het is duidelijk dat de grenzen tussen deze kategorieën niet te streng getrokken mogen worden: Amerika komt ook op wereldkaarten voor, en een kaarrt van Noord-Amerika kan delen van Midden- en zelfs van Zuid-Amerika omvatten. Toch zijn de criteria welke gebruikt werden om de tentoongestelde kaarten in de drie kategorieën te groeperen in principe gebaseerd op de algemenen kenmerken van de kaart zelf en op het geografische gebied dat de auteur heeft willen afbeelden.

De eerste kategorie behandelt onder meer het verschijnen van "America" op een kaart en op een wereldbol, en ook de Straat van Anian, een mythische doorvaart tussen de Atlantische en de Stille Oceaan. Onder de belangrijkste kaarten van Amerika brengen wij ook de Maris Pacifici van Ortelius. Dit was de eerste kaart die aan de Stille Oceaan gewijd was, en zij vormde het beginpunt voor de de kartografische voorstelling van de Noordwest- en de Zuidwestkust van Amerika. De invloed van Gerard Mercator op de kartografie van de Nieuwe Wereld wordt herhaaldelijk vermeld, met name op de Americae sive Nova Orbis ... van Abraham Ortelius en op de America sive India Nova van Michael Mercator. Een andere belangrijke kaart in deze kategorie is de West-Indische Paskaert van Blaeu, een op perkament gedrukte zeekaart die het geografische gebied voorstelt waar de handelsprivileges van de West-Indische Compagnie van kracht waren. Door haar projektie was deze kaart in haar tijd zeer belangrijk voor de zeevaart.

De tweede kategorie kaarten is gewijd aan Noord-Amerika en omvat onder meer een reeks kaarten en stadsplannen met betrekking tot Canada en de ontdekking der Grote Meren. De Figure de la Terre-Neuve van Lescarbot was één der meest waardevolle van de tot dan toe gepubliceerde kaarten van Nieuw-Frankrijk. De provincie Quebec wordt afgebeeld op de kaart van Carver waarop vier bijkaarten voorkomen, met de Montreal-eilanden, de loop van de Sint-Laurens en stadsplannen van Quebec en Montreal. Ook andere plannen van Canadese steden worden tentoongesteld: Hochelaga (het latere Montreal) door Gastaldi, Quebec door Van der Aa, Halifax en Louisbourg door Homann.

De bewogen geschiedenis van het vastleggen van de loop van de Mississippi wordt geïllustreerd door verschillende kaarten, meer in het bijzonder door die van Hennepin, één der sterkste staaltjes van bedrog in de geschiedenis van de kartografie van de Nieuwe Wereld. Achttien jaar later publiceerde Homann een - ditmaal juiste - kaart van de loop van de stroom, die afgetekend was van het bekende document van Guillaume de l'Isle.

De geschiedenis van de Europese kolonisatie in Noord-Amerika wordt behandeld via een aantal representatieve kaarten: de Nova Belgica van Blaeu en de Novi Belgii ... van Visscher herinneren aan de kolonisatie van het latere New York en de oevers van de Delaware, terwijl de Nova Virginiae Tabula van Hondius betrekking heeft op de kononisatie van Virginia, en de Florida et regiones vicinae van Gerritsz op die van Florida. Ook de geschiedenis van de Britse kolonisatie in Amerika wordt door middel van kaarten geschetst; hierbij moet A Map of the British Empire van Popple vermeld worden, de eerste kaart die de namen geeft van de dertien koloniën die de kern zouden vormen van de Verenigde Staten van Amerika. De Carte Nouvelle de l'Amérique anglaise van Lotter herinnert aan de gebeurtenissen die leidden tot de onafhankelijkheid van deze dertien koloniën.

Een beroemde kartografische mythe ontstond uit een foute theorie, maar kende een groot sukses: de voorstelling van Californië als een eiland. Deze verkeerde notie van de aard van Californië wordt nagegaan en geanalyseerd aan de hand van zeven representatieve kaarten, van haar ontstaan rond 1622 tot haar uiteindelijke omverwerping in 1705:

De demografische, urbanistische, ekonomische en sociale veranderingen die plaatsvonden aan de Westkust van Noord-Amerika ten gevolge van de ontdekking van goud in Californië in 1848, worden naar voor gebracht door de studie van een anonieme kaart van de goudmijnen, opgemaakt ten behoeve van toekomstige Franse immigranten en goudzoekers in Californië. Om het historisch overzicht van de kartografie van Noord-Amerika te vervolledigen is een aantal stadsplans tentoongesteld: Boston, Washington, New Orleans en Mexico.

De derde kategorie is gewijd aan Midden- en Zuid-Amerika. Met betrekking tot Zuid-Amerika worden twee bijzonder belangrijke kaarten tentoongesteld. De ene is een reproduktie uit 1837 van de kaart van Juan de la Cosa, die beschouwd wordt als één der oudste kartografische dokumenten over de reizen van Christoffel Columbus en John Cabot. De andere is de Tabula Terre Nove, één der "moderne" kaarten van Waldseemüller uit diens zeer belangrijke uitgave van Ptolemaios' Geographia uit 1513. Deze kaart is één der dokumenten waarop de Nieuwe Wereld voor het eerst "America" genoemd wordt. De voor de kaarten uit de 16e eeuw typisch mistekende algemene vorm van Zuid-Amerika komt goed tot uiting op de Delineatio van Van Langren; de grote vooruitgang die op dit gebied gemaakt werd blijkt uit Coronelli's Amérique méridionale van een eeuw later. Met de kaart van Juan de la Cruz Cano y Olmedilla uit 1776 werd een onovertroffen hoogtepunt van nauwkeurigheid bereikt.

Van de meer dan tien aan verschillende delen van Zuid-Amerika gewijde detailkaarten bekleden sommige een bijzondere plaats: zo bijvoorbeeld de Cuba van Bordone, de Spagnuola van Porcacchi, de Bermudes van Speed, de Iles Caraïbes van Doncker en de Orénoque van Dudley.

Onder de belangrijkste gevolgen van de ontdekking van de Nieuwe Wereld op geografisch, kartografisch en maritiem gebied moeten zeker Magellaans reis om de wereld en de ontdekking van de naar hem genoemde zeestraat vermeld worden. Deze twee historische gebeurtenissen worden hier geïllustreerd aan de hand van de Tabula Magellanica van Blaeu en Le détroit de Magellan van Nicolas de Fer, twee uitzonderlijke documenten over het tijdperk der grote ontdekkingsreizen, waarvan het belangrijkste resultaat ongetwijfeld gevormd wordt door de ontdekking van Amerika.

Van bij het begin van het projekt werd een objektief vastgesteld dat bij het opstellen der beschrijvingen voortdurend voor ogen werd gehouden, namelijk dat deze catalogus een referentiewerk moet blijven, ook na het einde van de tentoonstelling, wanneer de beschreven documenten niet meer onmiddellijk voor vorsers toegankelijk zullen zijn.

Het uiteindelijke doel van deze publikatie bestaat er in de navorsers en wetenschapsmensen op het gebied van de gescheidenis der kartografie, de gescheidenis der aardrijkskundige ontdekkingen, de geschiedenis der wetenschappelijke ideeën en de geschiedenis der wetenschappen te interesseren voor de verzameling kaarten, plannen en atlassen van de Koninklijke Bibliotheek, en hen aan te sporen deze als studieobjekt te gebruiken. Dit vormt immer de beste manier om dit waardevolle erfgoed op wetenscahppelijke wijze nuttig te maken. Zo kan de Afdeling Kaarten en Plannen van nu af, naast zijn funktie van bewaarder en behoeder der verzamelingen, ook die van een centrum voor wetenschappelijk onderzoek uitoefenen.


Hossam Elkhadem

Afdelingshoofd a.i. van de Kaarten en Plannen