NL | FR
Onthaal |  Contact  logo en link van de Belgische federale portaalsite
kbr logo - Terug naar Onthaal DWTC logo en link naar de website
partie image kbr décoration link naar Actualiteiten link naar Informatie link naar Collecties link naar catalogus link naar Diensten
partie image kbr décoration Informatie  >  Opdracht en beheer
partie image kbr décoration
décoration Opdracht en beheer
décoration décoration décoration
décoration

Beheersorganen
 

De Wetenschappelijke Raad

De Raad geeft aan de bevoegde Minister advies over wetenschappelijke aangelegenheden die betrekking hebben op het vervullen van de taken van de instelling. De Raad moet eveneens advies verlenen met betrekking tot de rekruteringsprofielen van het wetenschappelijk personeel en de benoemingen in de leidinggevende functies.

De Raad is ook bevoegd om aan de Minister advies te verlenen inzake het toekennen van een verlof wegens opdracht aan een ambtenaar. De samenstelling van de Wetenschappelijke Raad wordt bepaald bij koninklijk besluit. De Wetenschappelijke Raad is voor de helft samengesteld uit het hoofd van de instelling en andere leden van het leidinggevend wetenschappelijk personeel van de instelling, en voor de andere helft uit wetenschappelijke personaliteiten die buiten de instelling worden gekozen wegens hun bekwaamheid in de betrokken wetenschappelijke disciplines.

De voorzitter en de ondervoorzitter van de Raad worden op zodanige wijze gekozen dat een van deze mandaten wordt opgenomen door het hoofd van de instelling en het andere door een van de wetenschappelijke personaliteiten die niet tot deze FWI behoren. Met uitzondering van het hoofd van de instelling, van wie het mandaat permanent is, worden de leden van de Raad benoemd voor een periode van vier jaar.
Top van de pagina

De Beheerscommissie

De Beheerscommissie is belast met het budgettair beheer, het materieel beheer en de organisatie van de veiligheid, het uitwerken van een driejaarlijks kaderprogramma van de activiteiten van de Bibliotheek overeenkomstig haar opdrachten, het vaststellen van een rekruteringsplan van het statutair personeel met uitzondering van het wetenschappelijk personeel, het in dienst nemen van het contractueel personeel ten laste van de begroting van de instelling en het voorstellen van de indienstneming van het contractueel personeel ten laste van de begroting van de Diensten voor Wetenschappelijke, Technische en Culturele Aangelegenheden.
Top van de pagina

De Directieraad

De directieraad oefent dezelfde bevoegdheden uit als de directieraad van een federaal ministerie, overeenkomstig de bepalingen van het statuut die toepasbaar zijn op de ambtenaren van de Staat. De directieraad is bijgevolg niet bevoegd ten overstaan van de personeelsleden die een leidinggevende functie bekleden.

De directieraad is bevoegd voor de toepassing van het statuut van het toegevoegd vorsingspersoneel en van het beheerspersoneel van de Federale wetenschappelijke instellingen, met name voor het rangschikken van de kandidaten voor het toekennen van de gecontingenteerde posten, de evaluatie van het personeel, de aanvragen inzake mobiliteit van het personeel, het formuleren van adviezen betreffende het rekruteren van niet-wetenschappelijke ambtenaren van het niveau 1.
Top van de pagina

Hij is ook bevoegd om eventueel tuchtmaatregelen te nemen tegen het wetenschappelijk personeel dat geen leidinggevende functie uitoefent.

De Commissie voor Werving en Bevordering

De samenstelling van de externe leden van de commissie is vastgesteld bij ministerieel besluit. De commissie is samengesteld uit de voorzitter, d.i. de Directeur-generaal van de administratie waarmee de instelling verbonden is, het hoofd van de instelling, als verslaggever, drie wetenschappelijke personaliteiten die niet tot de instelling behoren en worden aangewezen door de Minister, het hoofd van de betrokken dienst of, bij ontstentenis, een wetenschappelijk personeelslid aangewezen door het hoofd van de instelling.

De commissie is belast met het rekruteren van het wetenschappelijk personeel van de instelling. De oproep tot de kandidaten wordt vastgesteld door de bevoegde Minister op een met redenen omkleed advies van de Wetenschappelijke Raad; deze oproep wordt in het Staatsblad gepubliceerd. De commissie onderzoekt de ontvankelijkheid van de ingediende kandidaturen en rangschikt de kandidaten op basis van hun titels en hun wetenschappelijke verdiensten. De rangschikking wordt gemotiveerd en wordt via een bij de post aangetekend schrijven ter kennis gebracht van elke kandidaat die een geldige kandidatuur heeft ingediend.

De ambtenaren worden benoemd voor een mandaat van twee jaar. Met het oog op de bevestiging van een ambtenaar die geen houder is van een doctorsdiploma kan de commissie een gunstig advies verlenen zodat wetenschappelijke werken vergelijkbaar kunnen worden beoordeeld met een doctorsverhandeling. Daartoe wordt de commissie aangevuld met drie wetenschappelijke personaliteiten van dezelfde taalrol als de ambtenaar, van wie er ten minste twee lid zijn van het onderwijzend personeel van een universiteit of een daarmee gelijkgestelde instelling en die niet tot de instelling behoren. Behoudens een afwijking die speciaal wordt gemotiveerd, maken de aangewezen personaliteiten deel uit van andere universitaire instellingen dan deze waartoe de drie externe personaliteiten waaruit de commissie is samengesteld behoren.
Top van de pagina

Referenties

  1. Koninklijk besluit van 30 oktober 1996 tot aanwijzing van de federale wetenschappelijke en culturele instellingen (B.S. van 07.12.1996).
  2. Koninklijk besluit van 20 april 1965 betreffende het statuut der wetenschappelijke instellingen van de Staat (B.S. van 15.05.1965).
  3. Koninklijk besluit van 1 februari 2000 tot vaststelling van de organieke voorschriften voor het financieel en materieel beheer van de wetenschappelijke instellingen van de Staat die ressorteren onder de Minister tot wiens bevoegdheid het Wetenschapsbeleid behoort, als Staatsdiensten met afzonderlijk beheer (B.S. van 08.03.2000).
  4. Koninklijk besluit van 21 april 1965 tot vaststelling van het statuut van het wetenschappelijk personeel der wetenschappelijke instellingen van de Staat (B.S. van 15.05.1965).
  5. Koninklijk besluit van 16 juni 1970 tot vaststelling van het statuut van het administratief personeel, van het technisch personeel en van het vak- en dienstpersoneel der wetenschappelijke instellingen van de Staat (B.S. van 14.07.1970), gewijzigd door het koninklijk besluit van 10 april 1995 tot vaststelling van het statuut van het toegevoegd vorsingspersoneel en van het beheerspersoneel van de wetenschappelijke instellingen van de Staat (B.S. van 03.06.1995).
Top van de pagina